Membrillo, een stevige, roodglanzende paste gemaakt van alleen kweeperen en suiker, is een klassiek Spaanse lekkernij die vaak bij kaas wordt geserveerd. De stad Puente Genil in Córdoba staat bekend als de grootste exporteur van membrillo ter wereld. In Spanje wordt het in het hele land gegeten, zowel bij kaas als op brood, als tussendoortje of in desserts.
De kweeper (Cydonia oblonga) is een gele vrucht die lijkt op een stevige peer en afkomstig is van een boom uit Klein-Azië. De vrucht bevat veel pectine, waardoor de pasta vanzelf stevig wordt zonder gelatine. De traditionele bereidingswijze vereist een gelijkwaardige hoeveelheid suiker; de exacte hoeveelheid wordt bepaald na het schillen en pureren van de vrucht.
Het seizoen van de kweeper begint eind september en duurt tot begin oktober; in die periode wordt het ook "veranillo del membrillo" genoemd. Op de markt liggen de gele, licht donzige vruchten in kisten, met een geur van bloemen en appel.
Membrillo wordt vooral gecombineerd met Manchego, de bekendste Spaanse schapenkaas, maar ook met queso tetilla uit Galicië of blauwe kaas. Daarnaast wordt het op tostada met queso fresco, in bocadillos, bij merienda of ontbijt met koffie, en in taarten en andere desserts.
In Spaanse supermarkten is membrillo te vinden bij de kaas of in de koeling met zoete producten, vaak in plastic bakjes of als blok. Het is een van de producten die in Nederland en België niet vaak verkrijgbaar zijn.
Een klassiek recept vraagt om ongeveer een kilo kweeperen en een kilo suiker voor 0,75 kg membrillo. De fruiten worden gekookt tot ze met een mes door te prikken zijn, daarna gepureerd en met de suiker verwarmd tot een oranje, stevige massa. Na afkoelen en opstijven wordt het in blokjes gesneden.
Puente Genil noemt het product een gewild souvenir; bezoekers nemen vaak een stuk mee. De film "El sol del membrillo" uit 1992 van Víctor Erice vertelt over een schilder die een kweepeerboom in zijn tuin probeert vast te leggen.














