De horeca in Alicante meldt een opvallende verschuiving in het uitgavenpatroon van toeristen. Op 15 september kondigde de Asociación Provincial de Empresarios de Hostelería de Alicante (APEHA) aan dat restaurants, ondanks de grote aantallen bezoekers, gemiddeld minder bestedingen zien. Vooral aan de kust kiezen vakantiegangers vaker voor goedkope maaltijden, afhalen of boodschappen uit de supermarkt.
Deze trend staat in contrast met de toeristische cijfers: de stad Alicante sloot augustus af met een hotelbezetting van 95 %, een stijging ten opzichte van 92,6 % het jaar ervoor. De provincie als geheel kende een bezettingsgraad boven de 90 % in augustus, wat een bijzonder sterke zomer voor accommodaties betekende.
Volgens APEHA is het probleem niet dat toeristen de Costa Blanca mijden. Hotels, vakantieappartementen, stranden en toeristische centra waren juist druk. De verandering zit vooral in wat bezoekers na het betalen van hun reis en accommodatie nog willen of kunnen besteden. Gasten kijken kritischer naar prijzen, kiezen goedkopere gerechten of gaan niet elke dag meer uit eten. Traditionele restaurants die rijstgerechten, verse vis en zeevruchten serveren, merken dit verschil het meest.
De ontwikkeling is niet beperkt tot de stad; ook andere kustgebieden in de provincie ervaren dezelfde verschuiving. Een vergelijkbaar signaal kwam eerder deze zomer uit Benidorm, waar ondernemers volle toeristische gebieden rapporteerden zonder een even sterke groei van de horecaomzet.
Een opvallende verandering is de groeiende rol van supermarkten. Toeristen die in een appartement verblijven kunnen zelf koken, maar ook hotelgasten kopen vaker kant-en-klaarmaaltijden, broodjes en andere producten om op hun kamer of elders te eten. Hierdoor leidt een hoge hotelbezetting niet automatisch tot volle tafels tijdens lunch en diner.
De stijgende kosten van een vakantie spelen ook een rol. Wie veel geld uitgeeft aan een hotelkamer, appartement, vlucht of huurauto heeft mogelijk minder budget over voor uitgebreide restaurantbezoeken. Voor lokale ondernemers verandert daardoor de economische waarde van een druk toeristisch seizoen.
APEHA wijst daarnaast op een afname van het Spaanse toerisme aan delen van de kust. Buitenlandse bezoekers blijven in grote aantallen komen, maar zouden volgens de ondernemers niet altijd hetzelfde consumptiepatroon hebben als de Spaanse vakantiegangers die traditioneel uitgebreid lunchen en dineren. HOSBEC had in augustus al een terugval in het nationale aandeel van de hotelmarkt gemeld.
De ontwikkeling laat zien dat alleen het aantal bezoekers weinig zegt over hoeveel geld uiteindelijk terechtkomt bij restaurants, cafés en andere lokale bedrijven aan de Costa Blanca. Een gast kan een dure hotelkamer boeken en vervolgens juist besparen op eten, drinken, winkelen of andere activiteiten.
Het warme zomerweer had eveneens invloed. Tijdens de heetste perioden waren terrassen midden op de dag minder aantrekkelijk, vooral op plaatsen met weinig schaduw. Hierdoor verschuiven of verdwijnen traditionele lunchmomenten.
In het binnenland van de provincie was het beeld op sommige plaatsen gunstiger, terwijl de drukste kustgebieden meer last hadden van de combinatie van hoge temperaturen, stijgende kosten en prijsbewuste toeristen.
Voor Alicante blijft het een bestemming met een groot en gevarieerd horeca‑aanbod. September kan een ander publiek brengen, aangezien de grote Spaanse zomervakantie ten einde loopt en veel buitenlandse bezoekers juist in september en oktober naar de Costa Blanca reizen. De temperaturen worden doorgaans aangenamer en de samenstelling van het toeristische publiek verandert.
De branchevereniging waarschuwt dat de structurele verschuiving richting prijsbewuster vakantiegedrag al ongeveer twee jaar zichtbaar is. Voor Nederlanders en Belgen die in deze periode naar Alicante reizen, verandert er praktisch weinig: restaurants blijven volop geopend en er is geen tekort aan aanbod.





