Op 2 september, de officiële Dag van Ceuta, gingen in tientallen grote steden en honderden gemeenten in Spanje mensen de straat op om de autonome stad te steunen. De bijeenkomsten volgden de grensoverschrijdingen vanuit Marokko eind juli en waren georganiseerd door lokale overheden. In Madrid verzamelden zich tussen 50.000 en 150.000 mensen op de Plaza de Cibeles. De burgemeester van Madrid, José Luis Martínez‑Almeida, sprak een manifest voor en benadrukte dat Ceuta de volledige steun van Spanje moet kunnen rekenen. Ook PP‑leider Alberto Núñez Feijóo, Vox‑leider Santiago Abascal en regiopresident Isabel Díaz Ayuso waren aanwezig. De slogan “Ceuta no se vende, Ceuta se defiende” werd herhaaldelijk uitgesproken.
In Sevilla schatte de Nationale Politie het aantal deelnemers op ongeveer 40.000, terwijl de lokale politie meer dan 60.000 mensen noemde. De menigte vulde de Plaza de San Francisco en de Avenida de la Constitución en strekte zich uit richting Puerta de Jerez. Naast steunbetuigingen voor Ceuta waren er veel leuzen tegen Pedro Sánchez en zijn regering.
Andere steden met grote opkomsten waren Zaragoza, waar meer dan 23.200 mensen op de Plaza del Pilar bijeenkwamen, en Toledo, waar de Plaza del Ayuntamiento volledig vol was met ongeveer 6.000 deelnemers. In Castilla‑La Mancha vonden bijeenkomsten plaats in Albacete, Ciudad Real, Cuenca, Guadalajara en Talavera de la Reina, met een geschat totaal van tienduizenden.
In Galicië werden demonstraties gehouden in A Coruña, Ferrol, Santiago de Compostela, Vigo, Lugo en Pontevedra. Op de Balearen vond een grote bijeenkomst plaats op de Plaça de Cort in Palma, en ook op Ibiza, Menorca en andere gemeenten werden steunacties georganiseerd.
In de Comunidad Valenciana verzamelden zich grote groepen in Valencia, Alicante, Castellón, Benidorm en Torrevieja. In Barcelona vond op de Plaça Sant Jaume een bijeenkomst ter ondersteuning van Ceuta plaats, terwijl tegenstanders een demonstratie tegen racisme en extreemrechts organiseerden.
De Federatie Spaanse Gemeenten en Provincies (FEMP) had gemeenten opgeroepen solidariteit te tonen. De protesten groeiden op veel plaatsen uit tot meer dan alleen een steunbetuiging; ze bevatten ook oproepen tot het aftreden van Pedro Sánchez. De exacte landelijke opkomst is nog niet bekend, maar de cijfers variëren sterk per stad. De Dag van Ceuta benadrukt hoe de grenscrisis de rest van Spanje bezighoudt en een nationaal debat over grensbewaking, immigratie en de relatie met Marokko heeft aangewakkerd.














