Op het Spaanse platteland zijn er huizen te koop voor minder dan 10.000 euro, maar alleen in verafgelegen dorpen. Een recent voorbeeld is Valdeperillo, een gehucht met 15 inwoners in de gemeente Cornago, hoog in de bergen van La Rioja. De krant El Español meldde dat daar een stenen huis van 210 m², drie verdiepingen, vier slaapkamers, een badkamer en een garage, voor 8.000 euro te koop is. Dat is ongeveer 38 euro per vierkante meter, een prijs die in de rest van het land ondenkbaar is.
De lage prijzen zijn het gevolg van het fenomeen España vaciada, de leeggelopen regio’s. Decennia van migratie van het platteland naar de steden hebben duizenden woningen leeggelaten, waardoor de waarde ervan is gedaald. Volgens het Spaanse statistiekbureau INE zijn er bijna 3.200 dorpen die geheel of gedeeltelijk verlaten zijn; meer dan 70 % ligt in Galicië, Asturië en Castilla y León.
Lokale overheden proberen de leegloop tegen te gaan door nieuwe bewoners aan te trekken. Sommige gemeenten bieden financiële steun aan gezinnen die zich vestigen, terwijl andere de huur tot een symbolisch bedrag verlagen. In Asturië kan een jong gezin 3.000 euro krijgen, in Teruel is de huur 225 euro per maand.
Op vastgoedplatform Idealista zijn er tientallen vergelijkbare panden. Zo staat er een leisteen‑dorpse huis in Riaza voor 69.500 euro, en een finca in Asturië die alleen te voet of met een 4×4 te bereiken is. Veel landelijke huizen kosten nog minder dan 100.000 euro, en in de twintig goedkoopste gemeenten kan de prijs per vierkante meter onder de 350 euro liggen.
Een aankoop onder de 10.000 euro brengt echter voorwaarden met zich mee. De koper moet de woning binnen een bepaalde termijn renoveren en er daadwerkelijk als hoofdverblijf wonen. Extra kosten zoals overdrachtsbelasting, notariskosten en renovatie kunnen het aankoopbedrag ruimschoots overschrijden. Bovendien missen veel dorpen basisinfrastructuur: geen school, apotheek en soms slecht mobiel bereik.
Voor wie bereid is de nabijheid van supermarkt, huisarts en internet op te offeren, kan het leven in een dergelijk dorp rust, ruimte en een hechte gemeenschap bieden. Het vraagt wel aanpassingsvermogen, geduld met de Spaanse taal en de bereidheid om zonder conventionele voorzieningen te leven. Voor de praktische en juridische aspecten – van het NIE‑nummer tot het empadronamiento – is een goede voorbereiding essentieel.
De belangstelling groeit. Jongere Spanjaarden zoeken bewust een leven buiten de dure steden, en ook buitenlanders tonen interesse in de zogenaamde pueblos abandonados. Hoewel Italië een vergelijkbaar programma met huizen voor 1 euro heeft, kent Spanje geen dergelijk systeem, maar de alternatieven zijn minstens zo interessant.





